8 september

Annemiek Tigchelaar (29) is winnaar van World of Difference. Op kosten van de Vodafone Netherlands Foundation mag ze een jaar lang bij oneMen werken. Voor oneMen bezoekt ze pioniers en houdt jou op de hoogte via haar reisblog.
Een ramp in een mooi jasje
‘Hoe overtuigen we onze partners in westerse landen er van dat de nood hier echt heel hoog is door de aanhoudende droogte?’ die vraag stelt oneMen pionier Aniley aan mij. Hij probeert het leven van nomaden in Ethiopië te verbeteren. Het vee is hun bestaan, maar de geiten, koeien en kamelen sterven bij bosjes door gebrek aan eten en drinken. Een ramp. Maar vinden de westere donoren dat ook?
Het klinkt echt absurd, maar donoren in Nederland (en andere westerse landen) moeten worden overtuigd van de noodzaak om te helpen. En die donoren, al dan niet aangesloten bij Giro 555, moeten de ramp 'sexy' maken om geld van particulieren en bedrijven los te krijgen. Een ramp in een mooi jasje zeg maar.
Ik ben absoluut niet tegen mooie jasjes. Het is tenslotte mijn vak om verhalen zó te vertellen dat mensen geraakt worden. En in actie komen. Omdat ik reportages maak van echte mensen met echte verhalen, is het doel van een foto, film of tekst altijd om het zo puur mogelijk te vertellen. Maar… verkoopt dat ook?
Als ik thuiskom van een reis voor oneMen, vallen bij iedere vriendin, oom, collega of journalist dezelfde onderwerpen wel of niet in de smaak. Een boer die organische rijst verbouwt is saai, kinderprostitutie spreekt aan. Aids, malaria en andere medische dingen kennen ze inmiddels wel, terwijl rehabilitatie van ex-kindsoldaten het weer goed doet. Onderwijs in een gewone school is bijna te vanzelfsprekend, terwijl een mobiele school op kamelenruggen helemaal te gek is. Betekent dit dat investeren in landbouw, vechten tegen dodelijke ziektes of primair onderwijs voor alle kinderen ook daadwerkelijk minder aandacht en geld verdient? Nee, natuurlijk niet.
Maar je moet geraakt worden. De potentiële gever in Nederland moet de boodschap niet alleen horen of zien, die moet ‘m voelen. Want pas als je echt geraakt wordt, geef je geld. Zo werkt het bij iedereen. Weet je wanneer ik € 50 overmaakte voor de slachtoffers van de tsunami? Nadat ik een beeld zag van een kind dat in het watergeweld wegdreef bij haar familieleden, die zich nog stevig wisten vast te houden aan een paal. De cijfers van het hoge aantal slachtoffers maakten allang duidelijk dat het een ramp van een enorme omvang was. Maar dit was voor mij blijkbaar nodig om in actie te komen (en ja natuurlijk schaam ik me daarvoor).
En zo gaat het nu dus weer met de hongersnood die zich in Somalië, Kenya en Ethiopië voltrekt. De urgentie komt voor het grote publiek zelfs veel minder goed naar voren dan bij de tsunami of de aardbeving op Haïti. En het gaat mij er helemaal niet om dat mensen geld moeten storten. Er zijn tenslotte genoeg tegenargumenten te bedenken. Nee, het gaat mij meer om het feit dat de concurrentie zo enorm is en dat wij als potentiële donateurs zó verzadigd zijn geworden, dat er complete marketingstrategieën losgelaten worden op een hongersnood, op een aardbeving en op ontwikkelingsprojecten. En het is best logisch als je tussen alle prikkels jouw boodschap wilt verkopen, maar toch vind ik het vervelend dat het verhaal zoals het gewoon is, in al zijn ernst, niet voldoende is. Helemaal als je bedenkt dat een pionier als Aniley zoveel tijd moet steken in het vertalen van een meer dan serieuze ramp naar voor westerse begrippen een groot genoeg probleem. Terwijl hij natuurlijk ook liever z’n tijd steekt in de projecten voor de nomaden zelf. Nu, op dit moment.
Want de nomaden in Ethiopië …
(Maak die zin voor jezelf eens af om te kijken wanneer het verhaal van de nomaden jou zou raken. Door welke slogan kom jij in actie?)
Foto's pionier Aniley
Bekijk hier de foto's die Annemiek maakte tijdens haar bezoek aan pionier Aniley in Ethiopië.


